Hoe je de poster maakt, en wat je daarna doet
In een minuut klaar
De poster wordt hier gemaakt. Je vult alleen in wat echt helpt, de opmaak doet de rest.
Begin met de foto. Dat is het enige wat een voorbijganger onthoudt, en het bepaalt of iemand over twee dagen nog aan jou denkt. Kies een foto bij daglicht waarop het hele dier van voren te zien is, niet een wazige uit de tuin en niet een knuffelfoto van dichtbij waarop kleur en formaat wegvallen.
Vul daarna de naam, de diersoort, de datum en de plaats van verdwijning in, en je telefoonnummer. Schrijf de plaats zoals een buurtbewoner hem kent, niet zoals de post hem kent: “bij het speeltuintje in de Vogelwijk” zegt meer dan een straatnaam met huisnummer. De datum is belangrijker dan hij lijkt, want daaraan zien mensen of het nog zin heeft om te bellen.
De rest kies je alleen nog: staand om te printen, vierkant voor sociale media, in kleur of zwart-wit als je thuis print. De poster wordt in je eigen browser gemaakt, hij gaat nergens naartoe en wordt nergens opgeslagen.
Wat er echt op een poster hoort
Een voorbijganger onthoudt één ding. Bepaal dus zelf welk ding dat is, en laat de rest aan de telefoon.
- Foto: bij daglicht, het hele dier van voren, zodat kleur en formaat te zien zijn. Eén goede foto werkt beter dan drie middelmatige, en gebruik op elke poster dezelfde.
- Waar en wanneer: een buurt of een herkenningspunt dat een buurtbewoner snapt, en de datum van de verdwijning. Zonder datum weet niemand of de poster nog actueel is.
- Telefoonnummer: groot, één nummer dat je ook echt opneemt. Wie op de stoep staat, schrijft niets over, die belt meteen.
Op A4 en op sociale media
Eén poster, twee formaten. Op papier werkt iets anders dan op een scherm, dus je krijgt ze beide.
De staande versie is bedoeld om op A4 te printen. De foto vult de bovenste twee derde, daaronder staan drie gegevens groot en onderaan het telefoonnummer. Zo’n blad lees je vanaf de stoep zonder stil te staan, en dat is precies wat je van een poster wil.
De vierkante versie is voor sociale media, leesbaar in een bericht en in een story, zonder tekst die achter de knoppen van de app verdwijnt. Deel die liever dan een foto van het geprinte blad, want op een foto van papier is een telefoonnummer nooit scherp genoeg.
Zwart-wit is geen bezuiniging maar een keuze. Een printer thuis print zwart betrouwbaarder en langer, en een poster met goed contrast lees je ook in de schemering. Print in kleur wanneer de kleur van het dier het verschil maakt, bij een lapjeskat of een hond met een opvallende tekening.
Een poster of een vermissing melden: twee verschillende dingen
In de praktijk lopen die twee door elkaar. Het zijn twee verschillende dingen en je hebt ze beide nodig.
Een poster hangt aan een aanplakbord en ligt bij de dierenarts: een foto, het woord VERMIST, de naam, de plaats en de datum, en een telefoonnummer. Een vermissing melden is een registratie, bij de databank waar de chip staat en bij het asiel, waardoor je dier ook terugkomt als niemand je poster ziet. De poster spreekt voorbijgangers aan, de melding spreekt dierenartsen, asielen en de politie aan.
Eén ding daarover wordt zelden uitgelegd, en het is in Nederland en Vlaanderen niet hetzelfde. In Nederland zet je de chip op vermist bij het portaal waar je hond staat ingeschreven, en die status ziet alleen iemand die het chipnummer juist daar opzoekt. Chipnummer.nl, dat dierenartsen en asielen gebruiken, zoekt wel in negen databanken, maar heeft zelf geen vermist-status en krijgt geen gegevens terug uit de landelijke registratie. In Vlaanderen is dat eenvoudiger, want DogID en CatID zijn zelf de plek waar je de vermissing meldt en er staat een openbare zoekfunctie op. In beide landen geldt dus hetzelfde: de chip op vermist zetten is nodig, maar het is geen zoekactie.
Twee dingen die op een poster vaak misgaan
Te veel tekst
Een alinea op een aanplakbord leest niemand. Als je hele verhaal op de poster past, betekent dat dat de foto en het telefoonnummer te klein zijn. Streep weg tot er een foto, drie gegevens en een nummer overblijven.
Een knuffelfoto van dichtbij
Een portret waarop alleen een snuit te zien is, is mooi en onbruikbaar. Een voorbijganger vergelijkt formaat, kleur en bouw. Een foto van het hele dier van voren helpt meer dan de liefste.
Een hond of een kat: dat wordt een andere poster
Een hond zoeken en een kat zoeken verschilt zo sterk dat het doorwerkt in de poster, en in de plek waar je hem ophangt.
Bij een hond
Een hond is snel ver weg, en meestal ziet iemand hem. Zet het formaat, de kleur en de halsband groot op de poster, en schrijf erbij als hij angstig is: “loop hem niet na, bel me”. Een bange hond vlucht voor iedereen die op hem afkomt en raakt daardoor nog verder weg.
Poster vermiste hondBij een kat
Een kat zit vaak dichtbij, verstopt en stil. Breng de poster daarom vooral naar de dichtstbijzijnde huizen en in de brievenbussen in de straat, niet door de hele stad, en loop met toestemming van je buren de kelders, schuurtjes en garages na. Zoek in de schemering, als het stil is, en zet de gebruikte kattenbak en haar dekentje buiten, precies zoals de Vlaamse overheid zelf adviseert.
Waar je de poster mag ophangen
Een poster helpt alleen waar mensen hem zien. Waar dat mag, is in Nederland en in Vlaanderen anders geregeld, en in beide landen verschilt het per gemeente. Het loont om dat te weten, zodat er bij alle zorgen geen boete bij komt.
In Nederland is er geen landelijk plakverbod, en er is ook geen landelijke uitzondering voor vermiste dieren. Elke gemeente regelt het in haar eigen APV, onder een artikel Plakken en kladden, en het nummer verschilt per gemeente: Rotterdam heeft 2:42, Groningen 2:45, Utrecht 4:4 en Amsterdam 4.7. Er is dus geen artikelnummer dat overal geldt. De kern is overal wel hetzelfde, namelijk dat plakken op de openbare weg, of op iets wat vanaf de weg te zien is, niet mag zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende. Een lantaarnpaal, een bushokje, een prullenbak en een verdeelkast zijn van iemand, en die iemand is de gemeente of een netbeheerder.
Daar staat een uitweg tegenover die weinig mensen kennen. Een gemeente mag het plakken niet volledig verbieden en is verplicht genoeg aanplakborden aan te wijzen. Een poster voor een vermist dier is een meningsuiting en geen handelsreclame, en die borden zijn precies daarvoor bedoeld. Amivedi waarschuwt er zelf voor, ongevraagd: vraag bij de gemeente na of je de poster overal mag ophangen, en haal de posters weer weg als je dier veilig thuis is. Eén telefoontje naar de gemeente is het enige antwoord dat voor alle gemeenten klopt.
In Vlaanderen werken gemeenten met GAS-boetes uit hun eigen politiereglement, dus ook daar verschilt het per gemeente en kan hier geen bedrag of regel staan die overal opgaat. Wat er wel staat, en het komt van de Vlaamse overheid zelf, is het advies aan baasjes om flyers op te hangen “op plaatsen waar veel mensen komen en bij de dierenarts”. Dat is in beide landen precies de veilige route: de dierenarts, het asiel, winkels en apotheken, prikborden in portieken en flatgebouwen, scholen en kinderdagverblijven, en met toestemming de dierenwinkel. Het meeste effect heeft een blad in de brievenbussen van de dichtstbijzijnde huizen. Denk ook aan de mensen die de hele buurt afgaan, zoals de postbezorger, pakketbezorgers en de vuilnisophaaldienst. Deel online de vierkante versie in buurtgroepen en in de groepen voor vermiste en gevonden dieren in je provincie, en meld de vermissing ook op Animalert, waar mensen rond de plaats van verdwijning een melding krijgen zonder dat je daar iemand hoeft te kennen.
Een poster is niet genoeg: doe dit meteen
Naast de posters zijn er een paar stappen die de kans op een weerzien het meest vergroten. Ze zijn in Nederland en Vlaanderen anders geregeld, dus hieronder staan ze apart.
In Nederland zet je eerst de chip op vermist. Voor een hond doe je dat bij het portaal waar hij staat ingeschreven, en het maakt niet uit welk van de acht portalen dat is, want alle gegevens komen op dezelfde plek binnen. Controleer tegelijk of je telefoonnummer daar nog klopt. Voor een kat is chippen nog niet verplicht, dus loopt dat via je dierenarts. Meld je dier daarna aan bij Amivedi, het landelijke meldpunt: gratis, al sinds 1933, met ongeveer 110 meldpunten door het hele land en een melding die binnen 24 uur online staat. Amivedi haalt zelf geen dieren op en vangt ze niet op, dus bel daarnaast de dierenambulance en het asiel bij jou in de buurt, want daar komt een gevonden dier fysiek terecht. Er is geen landelijk nummer voor de dierenambulance, zoek de jouwe op via fdn.nl of via de pagina van je gemeente. Kijk ook op Mijn Dier Is Zoek van de Dierenbescherming, waar de dieren staan die in een asiel zijn binnengebracht.
Eén Nederlandse stap wordt bijna altijd overgeslagen, en juist die is de wettelijke: wie een dier vindt, moet daarvan aangifte doen bij de gemeente, en dat mag in elke gemeente (artikel 5:5 van het Burgerlijk Wetboek). De landelijke website verlorenofgevonden.nl neemt dieren niet op en verwijst door naar Amivedi, dus wie alleen dat doet heeft de praktische stap gezet en de wettelijke niet. Bel deze nummers juist niet. De NVWA zegt zelf dat een melding over een hond of kat van een particulier daar niet kan. RVO wijst de portalen aan en heeft geen dienst voor vermiste dieren. 112 is voor acuut levensgevaar. En let op het verschil bij 144, want dat nummer is voor een dier in nood of een gewond dier, niet voor een kat die niet is thuisgekomen. Een kat die bloedend langs de weg ligt is wel een geval voor 144 of voor de dierenambulance.
In Vlaanderen zet je de status van je dier op verloren in DogID of CatID, en controleer je meteen je contactgegevens. Dat zijn de officiële registers, één per diersoort, een initiatief van de drie Gewesten en dus niet van de federale overheid, en er staat een openbare zoekfunctie op waarmee iemand die je dier vindt de verantwoordelijke kan opzoeken. Bel daarna de erkende dierenasielen in de buurt, en meld het bij de lokale politie met het chipnummer van vijftien cijfers en een duidelijke foto: bij een hond staat de politie in het officiële advies van de Vlaamse overheid, bij een kat niet. Vraag ten slotte bij je gemeente na hoe zij gevonden dieren opvangt, en of aangereden dieren gescand zijn.
Onze belofte
Animalert is een vereniging zonder winstoogmerk, gedragen door mensen die dieren willen helpen. Wij zullen je nooit geld vragen om je eigen dier te zoeken. Deze tool slaat niets op, want de poster wordt op je eigen apparaat gemaakt.
En nog een vraag voor de buurt: haal de posters weer weg als je dier thuis is.
Wat je daarna kunt doen
De poster is de eerste stap. Dit komt daar meteen na.
FAQ - Veelgestelde vragen
Is het echt gratis?
Ja, en zonder account. Animalert is een vereniging zonder winstoogmerk en wij zullen nooit geld vragen om je eigen dier te zoeken. Je hoeft geen e-mailadres en geen kaartgegevens in te vullen, je downloadt de poster gewoon.
Moet ik een account maken of mijn e-mailadres achterlaten?
Nee. De poster wordt in je eigen browser gemaakt en je downloadt hem direct. Je stuurt ons niets en wij slaan niets op.
In welk formaat krijg ik de poster?
Als PNG-afbeelding en als PDF om op A4 te printen, staand of vierkant, in kleur of zwart-wit. Gebruik de PDF voor papier en de vierkante PNG voor sociale media.
Hoeveel posters print ik, en waar hang ik ze op?
Begin dicht bij de plaats van verdwijning, bij een kat letterlijk in de huizen ernaast. Het meeste effect hebben de dierenarts, het asiel, winkels, prikborden in portieken en een blad in de brievenbussen. Gebruik voor de openbare ruimte een aanplakbord dat de gemeente daarvoor heeft aangewezen.
Mag ik de poster aan een lantaarnpaal of een bushokje hangen?
Beter niet. Er is geen landelijke regel. In Nederland verbiedt elke gemeente in haar APV het plakken op de openbare weg zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende, en in Vlaanderen werken gemeenten met GAS-boetes uit hun eigen politiereglement. Vraag de gemeente naar een aanplakbord, en gebruik ondertussen de dierenarts, winkels en prikborden in portieken. De Vlaamse overheid raadt baasjes zelf aan om flyers op te hangen op plaatsen waar veel mensen komen en bij de dierenarts.
Moet het chipnummer op de poster?
Ja, als je het weet. Een voorbijganger doet er niets mee, maar bij een dierenarts of in een asiel is de controle er zo mee gedaan. Vertrouw niet alleen op de chip, want in Nederland ziet een vinder een vermist-status alleen in de databank waar je die hebt gezet, en de landelijke registratie is niet openbaar.
Waar meld ik de vermissing?
In Nederland bij het portaal waar de chip staat, bij Amivedi, bij de dierenambulance en het asiel in de buurt, en met een aangifte bij de gemeente. In Vlaanderen in DogID of CatID, bij de erkende asielen in de buurt, bij de lokale politie en bij je gemeente. De NVWA, RVO en 112 zijn hier niet voor, en 144 is bedoeld voor een dier in nood.
Hoe lang wordt een gevonden dier bewaard voordat het een nieuw baasje mag krijgen?
Dat verschilt per land. In Nederland geldt een termijn van twee weken, en die staat in artikel 5:8 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek. Let op waar de klok begint: hij gaat pas lopen op het moment dat de gemeente het dier in bewaring neemt, niet op de dag dat het wegliep, dus bij een dier dat de vinder zelf houdt loopt er helemaal geen termijn. Wie zijn dier ophaalt, kan wel voor de kosten van opvang en verzorging opdraaien. In Vlaanderen schrijft de Vlaamse overheid dat een hond of kat na 15 dagen voor adoptie mag worden aangeboden als de verantwoordelijke niet gevonden is. Meld je in beide gevallen zo snel mogelijk.
Moet ik een beloning op de poster zetten?
Wij raden het af. Een beloning trekt mensen aan die het om het geld doen en niet om het dier, en dat maakt het zoeken lastiger. De Vlaamse dienst BinnenBeest komt tot dezelfde conclusie en waarschuwt dat een bedrag het verkeerde volk kan aantrekken. Buren, dierenartsen en asielmedewerkers hebben geen beloning nodig om te willen dat je dier thuiskomt.
Heeft de poster geholpen?
Schrijf er een paar woorden over. Anderen weten dan wat ze kunnen verwachten, en wij weten wat beter kan.






